De gestroomlijnde klas van Carl Hendrick en Robin MacPherson

Home/leerstrategie/De gestroomlijnde klas van Carl Hendrick en Robin MacPherson

De gestroomlijnde klas van Carl Hendrick en Robin MacPherson

In hun nagelnieuwe boek nemen Carl Hendrick en Robin MacPherson de lezers mee in tien belangrijke onderdelen van het lesgeven. Ze schakelen daarbij achttien experts in die hun licht laten schijnen over evaluatie, klasmanagement, motivatie, feedback, leergesprekken, leermythes, cognitieve psychologie, technologie en leesvaardigheid. In elk hoofdstuk wordt geprobeerd om de brug te maken tussen onderzoek en praktijk. De auteurs eindigen met wat volgens hen ‘een gestroomlijnde klas’ kan zijn, en laten zich daarbij leiden door zes elementen. Dit kan je echt de basics van het lesgeven noemen, ver weg van alle (ingewikkelde) modellen die (beginnende) leraren soms voor de kiezen krijgen. Er is vanzelfsprekend heel wat overlap te vinden met de instructieprincipes van Barak Rosenshine.

 

1. HERHAAL WAT EERDER AL GELEERD IS

Volgens Nuthall moeten leerlingen nieuwe begrippen minstens drie keer, op verschillende momenten, aanraken. Het begin van de les kan een aangewezen moment zijn om de noodzakelijke voorkennis terug op te rakelen. Dit zorgt ook voor een gevoel van continuïteit (je linkt wat gekend is met hetgeen nog niet gekend is). Rosenshine voegt daar aan toe dat die herhaling niet te veel tijd in beslag moet nemen (5 minuten volstaat!). Wat leerlingen zich (zouden kunnen) herinneren, wordt idealiter door retrieval practice (vb quiz, huiswerkbespreking, leergesprek …) terug aan  de oppervlakte gebracht.

2. CHECK OF JE LEERLINGEN ALLES BEGREPEN HEBBEN

Dit impliceert natuurlijk dat de leraar zelf een diep begrip moet hebben over de potentiële valkuilen in de leerstof (vaak voorkomende fouten en misconcepties) en hij-zij zijn leerlingen ook moet ‘kennen’. Er bestaan natuurlijk heel wat formatieve assessment-tools die dit mogelijk maken maar essentieel blijven natuurlijk de vragen die de leraar daarbij stelt (ongeacht of dit een klassikale vraag is, of via tools als Plickers etc). Dylan Wiliam noemt dit ‘scharniervragen’: de leerling moet ze kunnen beantwoorden binnen de minuut, en de leraar moet in staat zijn ze te beoordelen op 15 seconden. Het verbeteren van het werk van de leerling geeft natuurlijk ook een signaal: belangrijk om te weten is dat dit niet moet uitmonden in een huzarenarbeid voor de leraar: een snelle blik kan voor de goeie leraar volstaan om te beseffen of de leerlingen hebben geleerd (of niet).

3. GEEF FEEDBACK MET IMPACT

Verbeteren van taken of toetsen is niet gelijk aan het geven van feedback. Het geven van feedback moet als doel hebben dat de leerling het bij een volgende vergelijkbare opdracht beter doet. De leraar die zich enkel en alleen focust op de inhoudelijke fouten, laat kansen liggen: goeie feedback is een spiegel en geen schilderij. Als de leraar meer werk heeft dan de student in het proces van feedback, dan is er iets fout. Hendrick en MacPherson noemen de leerlingen hun werk laten vergelijken met medestudenten of een modelwerkstuk ook vormen van effectieve feedback.

4. ZORG VOOR EEN POSITIEF KLASKLIMAAT

Het creëren van een omgeving waarin leren geen wens is, maar een echte verwachting is de absolute basis van een effectieve leeromgeving. Het is daarom van groot belang om als leraar een professionele (en dus ook een respectvolle, warme) relatie aan te gaan met je leerlingen: duidelijke communicatie, rechtlijnigheid en routines (vanaf dag 1) helpen daarbij.

5. BEGELEID JE LEERLINGEN RICHTING SUCCES (EN BEGELEID HEN STELSELMATIG MINDER)

We weten al lang dat beginners anders leren dan experten. Een nobel doel van onderwijs kan/moet zijn dat we zelfstandig werkende leerlingen schapen, maar vreemd genoeg bereikt men de weg naar dit ideaal niet door leerlingen vanaf moment 1 zelfstandig te laten werken. Ze moeten eerst expertise opbouwen, onder begeleiding van een expert, die uitgewerkte voorbeelden voorziet, ondersteuning biedt (en die stelselmatig afbouwt). Deze ondersteuning zorgt er niet enkel voor dat leerlingen de juiste kennis en vaardigheden opbouwen maar het biedt hen ook het zelfvertrouwen dat ze het op termijn alleen zullen kunnen.

6. VERMINDER COGNITIEVE BELASTING BIJ JE LEERLINGEN

Dylan Wiliam noemde de cognitive load-theory eerder al het belangrijkste dat leraren echt moeten weten. Het reduceren van de hoeveelheid nieuwe informatie tot op het niveau dat de leerling niet overbelast (of verveelt) is cruciaal om effectief leren te bevorderen. Clark, Kirschner en Sweller argumenteerden al dat, wanneer je een leerling problemen laat oplossen waarvoor die nog niet de relevante (voor)kennis en vaardigheden in zijn achterhoofd heeft, die blind op zoek gaat naar oplossingen. Zo kunnen leerlingen uren bezig zijn met het proberen oplossen van deze problemen en toch niks bijleren. Het aanbieden van nieuwe skills en kennis in kleine stappen, uitgewerkte voorbeelden voorzien, dual coding zijn effectieve manieren om de cognitieve belasting te verminderen.

By | 2017-10-07T13:54:39+00:00 Oktober 7th, 2017|leerstrategie|0 Comments

Leave A Comment