Gespreid leren binnen één studiesessie en tussen meerdere studiesessies?

Home/leerstrategie/Gespreid leren binnen één studiesessie en tussen meerdere studiesessies?

Gespreid leren binnen één studiesessie en tussen meerdere studiesessies?

Gespreid oefenen of spaced practice is een belangrijke speler als je doel is om iets op lange termijn te kunnen of onthouden – en zou daarom als vanzelfsprekend een prominente plaats binnen onderwijs moeten hebben. Het spacing effect verwijst naar één van de meest robuuste en betrouwbare effecten uit het geheugenonderzoek: het stelt dat wanneer het leren gespreid is over meerdere sessies (spaced practice) de leerresultaten beter zullen zijn dan wanneer het leren samengeduwd is in 1 sessie (massed practice). Ook wanneer de totale studietijd hetzelfde is, zullen de resultaten bij spaced practice beter zijn dan bij massed practice. Het effect geldt voor verschillende types lerenden (van jonge kinderen tot oudere volwassenen en zelfs niet humaniode dieren als drosophilae en honingbijen), materialen (woorden, beelden tot redelijk complex conceptueel begrip), soorten tests (van free recall over aanvuloefeningen tot chirurgische ingrepen) maar ook bij verschillende spacing gaps. Je kunt immers spacen binnen een studiesessie maar ook tussen studiesessies. Er zijn immers spacing effecten met een spacing gap van enkele seconden (Glenberg, 1976) tot enkele maanden (de familie Bahrick, 1993). In dit stukje ga ik dieper in op deze twee verschillende vormen van spacing: binnen één studiesessie of tussen studiesessies.

  1. Bij spacing binnen 1 studiesessie verspreid je de te studeren items op item-niveau. Stel dat Nele en Karen woordenschat Engels studeren door flash-cards te gebruiken (waarbij het te studeren woord langs 1 zijde staat geschreven, en de vertaling langs de andere zijde). Nele neemt een stapel van 30 woorden en Karen studeert 5 stapels van 6 woorden. Bij Nele’s stapel liggen de woorden bij het oefenen verder uit elkaar dan bij Karen, wat een groter spacing effect met zich mee zou brengen. Let wel: wat die ideale spacing gap is voor de spreiding binnen 1 sessie, is nog voer voor discussie. Ik kan me levendig inbeelden dat een stapel van 140 woorden evenmin aangewezen is, en dat oefenen met 2 flashcards evenmin zinvol is. Naarmate de deskundigheid (voorkennis) groter wordt, zou de spacing gap groter kunnen worden. En wat met items die zelf al zoveel tijd in beslag nemen (vb een statistiek-oefening) dat een nieuwe oefening starten al automatisch een spacing gap impliceert van een aantal minuten of langer?
  2. Eenduidiger toe te passen, is spacing over verschillende sessies. Zowel Karen als Nele zijn er meer bij gebaat om hun woorden Engels te oefenen op maandag, dinsdag en donderdag (elke dag vb 20 minuten) als ze vrijdag een woordenschattoets krijgen, in plaats van enkel op donderdagavond te stampen/blokken (gedurende een uur). Hierbij moeten we wel rekening houden met twee mogelijke valkuilen: wanneer plan je de studiesessies in? En wat studeer je tijdens die studiesessies dan? Spacing effecten worden doorgaans sterker naarmate de pauzes tussen de sessies (= spacing gaps) groter worden. Dit patroon is echter niet altijd van toepassing. Peter Verkoeijen en collega’s (2008) vonden dat deelnemers aan hun onderzoek (die een passage herlazen na 3,5 weken) zich even veel herinnerden dan degenen die in de massed conditie (onmiddellijk herlezen) zaten. De deelnemers in de korte spaced-conditie (na 4 dagen herlezen) presteerden dan weer beter dan beide groepen. Putnam en Roediger (2018) suggereren dat een langere pauze tussen de sessies de recall dus niet automatisch verbetert: op een bepaald moment is het contraproductief om de tijd tussen de studiesessies zomaar te verlengen. Het vinden van de optimale spacing gap is complex, maar recent onderzoek suggereert dat …
    1. de optimale spacing gap kan afhangen van hoe lang je iets moet-wil onthouden (=de retentietijd). De optimale pauze varieert ergens tussen de 5 en 40% van het retentie-tijd (Zie het artikel van Cepeda, Vul, Rohrer, Wixted, & Pashler, 2008, voor een uitgebreide discussie over de ideale spacing gap). Bij het bepalen van zo’n spacing gap moeten studenten en docenten zich dus afvragen hoe lang de informatie gekend moet zijn.
    2. de pauzes tussen het studiesessies groter kunnen worden. In het voorbeeld van Karen en Nele kregen ze les op maandag over Engelse woordenschat. ‘S avonds oefenden ze een eerste keer (paar uur pauze). Dan dinsdag nog eens (een dag pauze). Dan donderdag een laatste oefenbeurt (twee dagen pauze).

Wat je tijdens die studiesessies dan studeert, moet ook voldoen aan een absolute voorwaarde: het moet namelijk dezelfde leerstof zijn. Uit gesprekken die ik soms voer met leerlingen, ouders of leraren omtrent effectief leren, merk ik dat gespreid leren soms beschouwd wordt als “op maandag leer ik de eerste 10 woorden, op dinsdag de volgende 10 en op donderdag de laatste 10”. Ook studenten die als voorbereiding op een examen elke dag 1 hoofdstuk inplannen, zijn niet aan spaced practice aan het doen: ze zijn gewoon aan het ‘plannen’ dat elk onderdeel éénmaal gezien is tegen een bepaalde deadline. Het spacing effect is dus niet hetzelfde als ‘leren plannen’; het doet zich enkel voor wanneer dezelfde informatie meer dan 1 keer wordt hernomen.

 

By | 2018-05-10T18:32:40+00:00 Mei 10th, 2018|leerstrategie|0 Comments

Leave A Comment